Panta rhei
Panta rhei

Naar een beroepsprofiel voor sociotherapie
N. van Tol en A. Meijer
deel 3

Wij onderscheiden twee werkvormen:

  • Werkvorm I
    Sociotherapie als werksoort, dat wil zeggen een therapievorm in een programma, die door een verpleegkundige of therapeut bij een groep patiënten op een bepaalde tijd en plaats wordt toegepast.
     
  • Werkvorm II
    Sociotherapie als basisbehandeling en onmisbaar bij het vormgeven van het hele klinisch milieu.

Bij de eerste vorm is sprake van een op zichzelf staande therapievorm, zoals dit ook bij (bijvoorbeeld) psychomotorische- of kreatieve-therapie het geval is. We zouden kunnen zeggen dat de nadruk ligt op de tweede- en derdegraadsstrategie. Hier komen we verder in dit artikel op terug. Dit komen we in veel instellingen tegen. We noemen dit een aangepaste vorm van sociotherapie omdat slechts enkele facetten van het opgenomen zijn op sociotherapeutische wijze worden betrokken bij de behandeling.

Dit laatste is essentieel voor de tweede vorm van sociotherapie. Bij deze vorm gaat het dan ook niet om sociotherapie als een toegevoegd specialisme maar om een basale benadering vanuit een gedeelde visie op groei en verandering. Het gaat hierbij om het geheel van hulpverleners, cliënten en de sociale omgeving van de cliënt thuis én in de instelling. Het gaat dan om de vraag hoe het opgenomen zijn op natuurlijke en methodische wijze kan worden benut waarbij de leefgroep (alle opgenomen cliënten) in de 24-uurs situatie centraal staat.

Hierbij is de eerstegraadsstrategie het uitgangspunt. Het samenleven, samenwerken en samenwonen staat centraal en de condensatiemomenten, expliciete leer- en veranderingsmomenten worden methodisch, therapeutisch benut. Deze vorm noemen we sociotherapie als basis, een ondersteunend, overkoepelend en richtinggevend perspectief op problematiek, behandeling en begeleiding van cliënten.

We zullen in het navolgende stilstaan bij theorieën die sociotherapie als basis ondersteunen.

Sociaal systeem

Sociotherapeuten beschouwen de mens als een sociaal en open wezen. Dus een wezen dat anderen nodig heeft om te kunnen bestaan. De omgeving van de mens is een sociaal systeem met een aantal kenmerkende variabelen waarin de mens met anderen functioneert.

Visser & Houweling-Meijers ("Inrichtingswerk een systeemgerichte benadering" 1988) noemen, vanuit de systeemtheoretische optiek, functies van systemen die binnen het systeem werkzaam zijn en die van invloed zijn op de wijze waarop systemen (goed) kunnen functioneren. Hiermee wordt bedoeld dat systemen, bijvoorbeeld afdelingen binnen de GGZ, intenties hebben die beter waargemaakt kunnen worden naarmate de functies van het systeem worden onderkend en gebruikt om het systeem optimaal te laten functioneren.

Gebruikmakend van de sociale systeemtheorie onderscheiden zij de volgende systeemfuncties: zingeving, energieverzorging, structurering, grensbewaking en doelverwerving.

Voor verdere uitleg verwijzen wij naar hun boek en het artikel van Meijer 1988.

1 |  2 |  3 * |  4 |  5 |  6 |  7 |  8 |  9 |  10 |  11 |  12 |  13
Kopieer de tekst van dit artikel

Panta rhei
 
Cursusaanbod
· Open inschrijving
· sociotherapie
· gesprekstechniek
· dwangverpleging
· traumabehandeling
· verslavingszorg
· In company
 
Literatuur
 
Archief
 
Linken
 
Colofon
 
E-mail
 
Privacy
 
Inhoudsopgave
 
Zoek op deze site
Productie en ontwerp van deze website: PurpleUnlimited ©
Deze bladzijde is het laatst gewijzigd op 2 januari 2005
Top